Het ongeval vond plaats op 22 augustus 2023, toen de verdachte tijdens de rit van zijn werk naar huis op de verkeerde weghelft terechtkwam. Een frontale botsing met een tegemoetkomende auto was het gevolg. De bestuurder van dat voertuig overleed ter plaatse; twee inzittenden raakten zwaargewond.
Het ongeluk had grote gevolgen voor alle betrokkenen. De nabestaanden van het overleden slachtoffer moeten leven met een onherstelbaar verlies. Een van de zwaargewonde slachtoffers kampt nog altijd met ernstige lichamelijke klachten. De verdachte raakte eveneens zwaargewond, lag lange tijd in het ziekenhuis en houdt blijvende beperkingen aan het ongeval over. Hij is niet meer in staat om te werken.
Kort voor de rechtszaak doorliepen de verdachte en een van de slachtoffers samen een mediationtraject. Tijdens deze gesprekken werden zij geconfronteerd met elkaars situatie en de impact van het ongeval. Beide partijen spraken de wens uit om het gebeuren achter zich te laten en verder te kunnen met hun leven. Het slachtoffer gaf daarbij aan geen waarde te hechten aan een straf voor de verdachte. De rechtbank werd verzocht deze uitkomst mee te nemen in het oordeel.
Bij het bepalen van de straf keek de rechtbank naar de landelijke oriëntatiepunten, maar zag zij aanleiding om daarvan in dit bijzondere geval af te wijken. Daarbij werden onder meer de persoonlijke gevolgen voor de verdachte, het succesvolle mediationtraject en het tijdsverloop sinds het ongeval meegewogen. Vanuit het oogpunt van normbevestiging achtte de rechtbank het wel noodzakelijk om een straf op te leggen. Daarom werd conform de eis van het Openbaar Ministerie gekozen voor een geheel voorwaardelijke taakstraf van 100 uur en een voorwaardelijke rijontzegging van zes maanden, met een proeftijd van één jaar.

-0.2 ℃





























